Select Page

Het verschoningsrecht is het recht dat een getuige op grond van zijn familierelatie met de verdacht of op grond van zijn of haar beroep heeft om de vragen van de rechter onbeantwoord te laten. Het is een uitzondering op de algemene plicht om een getuigenverklaring af te leggen als je daarvoor wordt opgeroepen door een rechter. Als je hier een beroep op doet, hoeft je geen verklaring af te leggen.

Wie kan hier aanspraak op doen?

Er zijn een aantal soorten getuigen die beroep kunnen doen op het verschoningsrecht. Dit zijn personen die familie zijn van één van de procespartijen, personen die een verklaring afleggen omtrent strafbare feiten die een familielid zich aan heeft voltrokken of personen met een beroepsgeheim, zoals een arts of advocaat. Het recht geldt niet voor journalisten, maar zij kunnen zich wel beroepen op bronbescherming.

Derdengeldenrekening advocaat

Zoals net aangegeven, een advocaat hoeft dus geen verklaring af te leggen. In 2021 was er een zaak waarin dit voorkwam. De Hoge Raad bepaalde dat een advocaat de Belastingdienst geen informatie hoefde te geven over betalingen verricht via de derdengeldenrekening advocaat. De Belastingdienst had de advocaat namelijk verzocht om informatie te geven over de rekening. Een cliënte van de advocaat had in 2009 een bedrag van € 436.000 overgemaakt. De advocaat weigerde informatie te geven over de hoogte van de stortingen, welke betalingen er waren verricht met dit bedrag en wat het eventuele resterende saldo op de rekening was.

Doorbreken van het recht

Als je beroep doet op het verschoningsrecht, kan het zijn dat je uiteindelijk toch een verklaring af moet leggen. Volgens de jurisprudentie van de Hoge Raad zijn er zeer uitzonderlijke situaties waarin het belangrijk is dat er toch een verklaring wordt afgelegd. Hierbij spelen verschillende factoren een rol. Bijvoorbeeld omdat de verschoningsgerechtigde zelfs verdacht wordt van een strafbaar feit.